De kracht van aanraken

Tijdens het afgelopen opleidingsweekend biodynamische psychologie stond het thema aanraking centraal. Van levensbelang voor onze ontwikkeling; hoogst ontregelend wanneer het met verkeerde intenties wordt gebruikt. Een diep verlangen in ieder van ons; een schaarste in onze maatschappij. Een taboe binnen de reguliere GGZ; een belangrijke aanvulling binnen therapie? In deze blog schrijf ik over de helende en schadelijke kanten van aanraking, hoe ik het in de wereld om me heen ervaar, en deel ik een stukje van mijn eigen ervaring.

Waarom aanraking zo belangrijk is

Aanraking is noodzakelijk om te overleven. Een baby die niet of nauwelijks wordt aangeraakt, heeft een grotere kans om zich niet goed te ontwikkelen. In sommige situaties kan een tekort aan fysieke nabijheid zelfs levensbedreigend zijn. Aangeraakt worden is onze eerste manier van co-regulatie. Nog voordat we woorden hebben, leren we via huid-op-huidcontact wat veiligheid is. Een warme hand op onze rug, een arm om ons heen wanneer we huilen; het zijn ervaringen die ons zenuwstelsel helpen reguleren. Het stimuleert ons sociale brein en draagt bij aan het ontwikkelen van empathie. In de eerste levensjaren speelt het bovendien een belangrijke rol in onze hechting. Die vroege ervaringen van vastgehouden worden, gewiegd worden, getroost worden, bepalen hoe veilig we ons later voelen in ons lijf en bij anderen. Aanraking is daarmee een belangrijke basisbehoefte van mens-zijn.

De spanning van aanraking

Hoe belangrijk aanraking is voor onze ontwikkeling, zo schadelijk kan het ook zijn wanneer het niet met zorg wordt gebruikt. Denk aan fysieke grenzen die worden overschreden, in de vorm van geweld of seksueel misbruik, of juist aanraking die ontbrak op momenten dat ze er wél had moeten zijn. Aanraking is ontzettend krachtig. Als je iemand aanraakt, raak je niet alleen diens huid aan; je raakt een hele geschiedenis aan. Het lichaam draagt alle herinneringen van teveel, te weinig of verwarrende aanraking met zich mee. Het is daarom logisch dat we voorzichtig zijn met aanraking en altijd expliciet om consent vragen. Aanraking vraagt om afstemming en veiligheid. Toch heb ik soms het gevoel dat we als maatschappij zijn doorgeslagen. Als ik om me heen kijk, zie ik hoe schaars aanraking is geworden. Zelfs onder vrienden of familie blijft het meestal bij een vluchtige kus op de wang, een formele handdruk of een knuffel op een verjaardag. In mijn werk als psycholoog werd tijdens mijn studie al sterk benadrukt dat je afstand dient te houden tot je cliënt. Natuurlijk vraagt aanraking om zorgvuldigheid. Maar het lijkt alsof de oplossing is geworden om het dan maar helemaal niet meer te doen. Wat betekent het voor ons als mensen wanneer we nauwelijks nog worden aangeraakt?

De functie binnen lichaamsgerichte therapie

Misschien is dat wel waarom ik me zo aangetrokken voel tot lichaamsgerichte therapie. Omdat aanraking daar niet wordt vermeden uit angst, maar zorgvuldig wordt ingezet als mogelijkheid tot herstel. Binnen de biodynamische therapie wordt ervan uitgegaan dat het lichaam een zelfherstellend vermogen heeft. Ons lijf weet hoe het spanning kan ontladen en hoe het kan herstellen, mits het daar de juiste omstandigheden voor krijgt. Aanraking is daarmee binnen therapie geen doel op zich. Het is een middel dat kan helpen bij het vergroten van lichaamsbewustzijn: zodat je kunt leren voelen wat wel en niet prettig is voor jou. En dat is minder vanzelfsprekend dan het klinkt. Veel mensen weten niet goed wat ze fijn vinden. Of waar hun grens precies ligt. Soms is die grens in het verleden zo vaak overschreden dat ze hem niet meer herkennen. In therapie kun je dat voorzichtig gaan onderzoeken. Op die manier kan een grens die ooit verbroken is, langzaam worden hersteld. Samen creëer je een bedding waar iemand op kan terugvallen. Wanneer die veiligheid er is, ontstaat er ruimte om verder te kijken naar iemands geschiedenis. Dan kun je onderzoeken welke compromissen ooit helpend waren en voorzichtig de vraag stellen: Zijn jullie nog nodig?

Mijn eigen ervaring

Tijdens het weekend merkte ik hoe dit thema mij persoonlijk raakte. Hoewel aanraking in verschillende contexten heel prettig kan zijn, merkte ik ook dat ik even tijd nodig heb om te wennen. Mijn eerste reactie als ik word aangeraakt is schrik, en de neiging om mentaal even “weg te gaan”. Ik ontdekte dat een stevige aanraking voor mij veiliger voelt dan een zachte aanraking. Alsof mijn lichaam meteen registreert: ben je er wel, of ga je zo weer weg? Deze “halve” aandacht kan ik blijkbaar moeilijk verdragen. Het raakt het wezenlijke verlangen om helemaal gezien, helemaal gevoeld te worden. Misschien is dat wat mij zo raakt in dit thema. Dat het uiteindelijk niet alleen om de aanraking zelf gaat, maar om de ervaring dat iemand onvoorwaardelijk en volledig bij je blijft.

Wat is voor jou een prettige aanraking, en wat juist niet? Kun je aanraking goed ontvangen, of is het gemakkelijker voor jou om te geven? Stuur me een berichtje of laat een reactie achter.

Een reactie op “De kracht van aanraken

  1. een knuffel vind ik altijd prettig maar ik doe dit niet met iedereen 🥹 maar mijn kleindochters zijn een uitzondering 🥰❤️

    Like

Deel je gedachten