Van psycholoog naar biodynamisch therapeut: mijn eerste ervaringen met de opleiding

Afgelopen september (2025) begon ik aan de 4-jarige HBO-opleiding tot lichaamsgericht therapeut bij het Nederlands Instituut voor Biodynamische Psychologie. Een spannende stap, want na het afronden van mijn Master Gezondheidszorgpsychologie had ik niet verwacht opnieuw zo’n grote commitment aan te gaan. In deze blog neem ik je mee in mijn eerste ervaringen. Ik vertel wat biodynamische therapie inhoudt, waarom dit pad mij zo aantrok en hoe mijn eerste opleidingsweekend voelde. Ook deel ik eerlijk de spanningen die ik ervaar tussen mijn achtergrond als wetenschappelijk opgeleide psycholoog en het intuïtieve karakter van deze therapievorm. Tot slot blik ik vooruit op mijn dromen en wat ik hoop te bereiken met deze opleiding in de toekomst.

Wat is biodynamische therapie?

Biodynamische psychologie gaat ervan uit dat lichaam en geest onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Wat we meemaken, wordt niet alleen opgeslagen in de vorm van herinneringen, maar ook in ons lichaam. Spanning, emoties en ervaringen kunnen daardoor invloed blijven uitoefenen, soms zonder dat we ons daarvan bewust zijn. Centraal in deze benadering staat de biodynamiek. Je kunt het zien als een innerlijke dynamiek die ons helpt te groeien, ons verbindt met anderen en richting geeft aan ons leven. (Persoonlijk doet dit mij denken aan de levensenergie waar bijvoorbeeld stromingen als tantra over spreken.) Wanneer dit proces soepel verloopt, ervaren we vitaliteit, authenticiteit en een gevoel van innerlijke stevigheid. Door ingrijpende gebeurtenissen of trauma’s kan de biodynamiek echter verstoord raken. We verliezen dan gemakkelijk het contact met delen van onszelf, met onze verlangens en met onze eigen mogelijkheden. Tijdens de opleiding tot biodynamisch therapeut leer je samen met de cliënt onderzoeken waar iets vastloopt en hoe je het zachtjes weer in beweging kunt brengen. Daarbij gaat het niet alleen om praten over wat er gebeurd is, maar juist ook lichaamsgerichte methoden zoals ademhaling, beweging, aanraking of massage. Biodynamische therapie vormt zo een waardevolle aanvulling op de traditionele praattherapie. Waar het gesprek inzicht en betekenis kan geven, voegt de lichaamsgerichte benadering een ervaringslaag toe die het proces van herstel en integratie ondersteunt.

Wat mij richting biodynamische therapie trok

Als je mij (en mijn blog) een beetje kent, weet je dat ik ontzettend enthousiast ben over lichaamswerk (denk aan de methode focusing). De reguliere GGZ gaf me een stevige basis: ik begrijp nu beter hoe ik in elkaar zit. Toch liep ik vast in die vooral cognitieve benadering. Want als ik alles zo goed begreep, waarom voelde ik me dan nog steeds zo k*t? Mijn innerlijke stem werd steeds kritischer. Gedachten als: “Ik ben kapot door wat ik heb meegemaakt”, “Ik heb een stoornis” en “Ik snap het wel, maar kan het niet herstellen” zorgden voor veel frustratie en verdriet. Dit maakte dat ik werd gedwongen om verder te kijken. Het omslagpunt kwam toen ik via tantra ontdekte dat mijn lijf mij van alles probeerde te vertellen. Hallo, lief lijf! Waar tantra een meer spirituele invalshoek heeft, was ik op zoek naar een benadering die psychologie en lichaamswerk met elkaar verbindt. Na wat zoeken kwam ik allerlei lichaamsgerichte methodes tegen, van somatic experiencing tot psychomotorische therapie. Het aanbod bleek eindeloos. Wat mij uiteindelijk juist aantrok in de biodynamische therapie was de zachte benadering. Tijdens een introductiedag werd het mooi omschreven: we proberen het pantser te smelten, niet kapot te slaan. Als je het kapot probeert te slaan, maak je het op termijn alleen maar harder. Die zachte insteek, gecombineerd met de verschillende invalshoeken waaruit gewerkt wordt, voelde voor mij als precies de juiste weg.

Mijn eerste opleidingsweekend

De opleiding bestaat uit een heel weekend per maand, meestal twee of drie dagen achter elkaar. Het eerste weekend trapten we meteen af met een volle vrijdag, zaterdag en zondag. Geen volle collegebanken of laptops met aantekeningen, maar een cirkel van dertien studenten, een trainer en twee assistenten op meditatiekussentjes, onder een dekentje (-direct bonuspunten wat mij betreft!). Het thema van dit eerste weekend was de oriëntatiereflex. Dat is een aangeboren, instinctieve reactie van ons lichaam op nieuwe prikkels. Je zintuigen worden gescherpt, je wordt alert en nieuwsgierig. Toepasselijk dus, want ook wij kenden de plek én elkaar nog nauwelijks. We richtten ons op lichaamsbewustzijn: luisteren met je oren, kijken met je ogen, voelen in je beweging en afstemmen op je ‘sixth sense’. Wat merk je eigenlijk allemaal op in je lijf? Om dat te kunnen ervaren, moesten we vooral… vertragen. En dat voelde in eerste instantie, nou ja, heel traag. De eerste dag zat ik nog vol enthousiasme klaar in de startblokken: Yes! Ik ga praktische oefeningen leren en met een hoofd vol kennis naar huis. In plaats daarvan mocht ik mijn ongeduld meedragen en voelen. Het viel me bovendien op dat veel medestudenten helemaal geen achtergrond in de psychologie hadden, en sommigen zelfs nog nooit therapie hadden gevolgd. Dat maakte mijn ongeduld alleen maar groter: ojee, waar ben ik eigenlijk aan begonnen? Op de tweede dag begon er iets te verschuiven. We gaven elkaar een eenvoudige handmassage terwijl we elkaar beter leerden kennen. In het begin voelde dat best spannend; als psycholoog is aanraking over het algemeen een no-go. Maar toen ik mijn hoofd even losliet en mijn gevoel volgde, merkte ik hoe snel er een diepere laag van contact ontstond. Dat moment hielp me om meer te zakken, beter te vertragen en te voelen dat dit óók leren is: aanwezig zijn, zonder haast. Vanuit die rust kregen we langzaam meer praktische oefeningen aangereikt. Op de derde dag voelde ik me al veel meer thuis in de groep en durfde ik me mee te laten nemen in het tempo van de opleiding. Aan het einde van het weekend had ik meerdere massagetechnieken geoefend, voelde ik me verbonden met de anderen en had ik vertrouwen gekregen in wat komen ging. En dat allemaal… op het dooie gemakje.

Wat de toekomst zal brengen

Mijn ongeduld is nog niet helemaal weg: ik sta te popelen om mijn eigen praktijk als lichaamsgericht therapeut te beginnen. Ik weet dat ik niet nog vier jaar wil wachten, maar tegelijkertijd voelt het belangrijk om mezelf de tijd te geven om een stevige basis te leggen. Wat ik merk, is dat ik nog zoekende ben naar hoe ik de twee werelden kan verenigen. Als psycholoog ben ik gewend te werken met protocollen en evidence based methodes: alles moet meetbaar en onderbouwd zijn, zodat je kunt samenwerken met gemeentes en zorgverzekeraars. Dat gaf mij lange tijd houvast, maar ook een gevoel van beperking. Want hoe maak je echt intuïtief contact, als je ondertussen vooral regels en protocollen moet volgen? In de opleiding tot biodynamisch therapeut ervaar ik juist hoe waardevol het is om te vertragen, te voelen en af te stemmen op het moment. Soms vind ik dat spannend: ik ben bang dat ik te ver van mijn wetenschappelijke wortels afwijk en bestempeld zal worden als ‘niet serieus’ of zelfs als ‘kwakzalver’. Toch weet ik ook dat het één het ander niet hoeft uit te sluiten. Intuïtie en kennis kunnen elkaar juist versterken en verdiepen. Hoe dit er uiteindelijk in mijn praktijk uit zal zien, weet ik nog niet precies. Wat ik wél weet, is dat dit de weg is die ik wil gaan. De komende jaren hoop ik stap voor stap te ontdekken hoe ik beide werelden op mijn eigen manier kan samenbrengen, zodat er ruimte ontstaat voor therapie die zowel stevig als zacht, onderbouwd als intuïtief mag zijn.

Heb jij zelf wel eens ervaren dat praten alleen niet genoeg was? Wat vind jij van intuïtieve vormen van therapie? Moet alles evidence-based zijn? Ik ben benieuwd naar je mening! Laat een reactie achter of stuur me een berichtje als je dat leuk vindt.

2 reacties op ‘Van psycholoog naar biodynamisch therapeut: mijn eerste ervaringen met de opleiding

Deel je gedachten